woensdag 12 maart 2014


               

Laatste commissievergadering MO


Dinsdag kwam de commissie Maatschappelijke Ontwikkeling voor de laatste keer tijdens deze raadsperiode bijeen. Aan de commissie werden een aantal wezenlijke agendapunten voorgelegd voor advies. Verschillende leden van de commissie hadden  er moeite mee. Niet zozeer met de punten als zodanig, maar met het feit dat zij moesten adviseren aan een raad die nog gekozen moest worden. De agendapunten zullen immers niet in deze raadsperiode aan de raad worden voorgelegd, maar pas aan de nieuwe raad op 17 april a.s.

Volgens mij plaatste de commissie zich hiermee in een volkomen onnodige spagaat. Voorstellen worden aan commissies voorgelegd om het college te adviseren over het doorzetten naar de raad van de voorstellen. Ook om de reactie van de partijen te peilen. Een commissie hoeft zich niet terughoudend op te stellen omdat er een nieuwe raad zit aan te komen, zeker niet als alle partijen ongeveer gelijkluidend over de voorstellen denken. Continuïteit is belangrijker dan angst voor regeren over het gaf heen.

Als eerste besprak de commissie de Strategische Kadernotitie Participatiewet Peelregio.De projectmanager, Woltring, verzorgde een presentatie, waarin hij aandacht besteedde aan de hoofdpunten van de notitie en de problemen die nog moeten worden opgelost. De notitie zelf is een globaal stuk. De commissie had voornamelijk informatieve vragen. Inhoudelijk was er nauwelijks verschil van mening. Natuurlijk was er wel twijfel. Wat wil je ook als het land 700.000 werklozen kent, waar maar een 100.000 vacatures tegenover staan!

Ook over het Beleidskader Jeugdhulp Peelregio was er nauwelijks verschil van mening. Zorgen natuurlijk te over. Ook dat is logisch. Het is de enige decentralisatie die door de Tweede en de Eerste Kamer is goedgekeurd. Het wachten is nu feitelijk op de toekenning van het budget. Het zal wel juni worden voor er duidelijkheid is. In de commissie was wel enige bereidheid te bespeuren voor het CDA-idee voor een buffer in de begroting 2015 op te nemen om echte knelpunten, die er ongetwijfeld zullen komen, op te vangen. In het lijsttrekkersdebat van afgelopen maandag had Vereijken dit nog verworpen.

Als laatste agendapunt stond het minimabeleid geagendeerd. De commissie schoof dit door naar de nieuwe commissie. Eigenlijk was dit onbegrijpelijk. De commissie had het Laarbeekse minimabeleid moeten evalueren en aanbevelingen moeten doen voor eventuele wijzingen c.q. aanvullingen. De commissie zag over het hoofd dat door het doorschuiven van dit onderwerp naar de nieuwe raad de commissie de kans voorbij liet gaan om input te leveren voor het nieuwe coalitieakkoord. Een gemiste kans dus.

Voor reactie mail naar wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185




Willy van Osch,
 Uw man voor Laarbeek.

Stem op nr. 7 van Lijst 4 ( CDA )

dinsdag 11 maart 2014


               

Lijsttrekkersdebat


Gisteren vond in het Dorpshuis het eerste en tevens enige lijsttrekkersdebat in Laarbeek plaats. Het debat vond plaats in het Dorpshuis te Lieshout. De foyer zat vol met aanhangers van de verschillende partijen. Er waren nauwelijks aanwezigen die hun stem nog niet bepaald hadden. Voor de lijsttrekkers  was in de zaal weinig te winnen of te verliezen. Het debat werd rechtstreeks uitgezonden door radio Kontakt. Ik denk dat je wel een echte diehard moet zijn om het hele debat af te luisteren. Zo  enerverend was het ook weer niet.
Tijdens het debat bleek dat de  vijf politieke partijen in Laarbeek niet veel van elkaar verschillen. Hans Vereijken van Partij Nieuw Laarbeek, Frans van Zeeland van Algemeen Belang Laarbeek, Joan Briels van De Werkgroep, Tonny Meulensteen van het CDA en Greet Buter van de PvdA debatteerden aan de hand van vier stellingen. Elke stelling werd gedurende vijf minuten ingeleid resp. door Pieter Verschuuren over de NO Corridor, Ad de Hoon over jongeren, Jo van den Biggelaar over de huisvesting ouderen en Egbert Baks over de sociale huurwoningen. Vijf minuten bleek soms wel erg lang . Het haalde ook het vuur uit het debat.
Heel veel nieuws bood het debat niet. Wel was er een opmerkelijke uitspraak van wethouder Joan Briels. Hij verkondigde zonder enige reserve dat Laarbeek zonder meer 15% bezuinigingen op de jeugdzorg kon halen. Ik vind  dit nog steeds een boute uitspraak.  Het debat zelf was soms slaapverwekend. Zozeer zelfs dat de lijsttrekker van ABL op het eind niet meer bij de les was. In  feite zaten er achter de tafel vijf lijsttrekkers waarvan er drie meer opereerden als wethouder dan als lijsttrekker. Vereijken hield zich zoals gewoonlijk zeer op de vlakte, van Zeeland probeerde met wollige taal zich aan duidelijke uitspraken te onttrekken en Briels trok het debat naar zich toe, vaak op het arrogante af. Het oppositionele geluid kwam van Meulensteen en Buter. Het drong echter niet echt door door het gesloten front van de coalitiepartners. Zelfs niet met kwinkslagen.
Een opmerkelijk feit kwam op het eind van het debat boven water drijven: de drie coalitiepartijen gaan als het aan De Werkgroep ligt met de samenwerking in de volgende periode onverdroten verder. Dit belooft weinig goeds.
Alleen, Briels vergat iets: er moet nog wel gestemd worden!
Voor reactie mail naar wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185


Willy van Osch,
Uw man voor Laarbeek.
Stem op nr. 7 van Lijst 4 ( CDA )


maandag 10 maart 2014


               

Op weg  naar 19 maart


Carnaval is achter de rug. De carnavalsvierders onder ons hebben weer genoten. Er waren fraaie optochten in alle Laarbeekse kernen.  Het enige negatieve was het bericht in het ED dat in de Beek en Donkse optocht minderjarigen  in het openbaar bier dronken. Volgens dezelfde krant heeft Laarbeek, zoals zoveel andere gemeenten, tijdens de carnavalsdagen niet gecontroleerd op het schenken van alcohol aan minderjarigen. Zo’n controle is natuurlijk tijdens carnaval onuitvoerbaar.

Na het feestgedruis van carnaval maakt de Laarbeekse politiek zich op voor de verkiezingen van 19 maart.  Het hele dorp hangt vol met posters en plakkaten. Zoveel dat dit niemand kan ontgaan. Toch wijzen allerlei peilingen uit dat de opkomst gaat tegen vallen. Persoonlijk geloof ik daar voor Laarbeek niet zo in. De Laarbeekse kiezer komt meestal redelijk goed op.

Ook al kun je het niet meteen aflezen van de opgehangen posters, de verkiezingen van 19 maart gaan echt over iets. Dat was in het verleden wel eens anders. De gemeenten krijgen er per 1 januari 2015 een groot aantal nieuwe taken bij door de decentralisatie van taken van het rijk naar de gemeenten.  Deze zogenaamde transities ( zorg, jeugd, participatie ) vragen heel veel inzet en sturing. De raad zal deze sturing moeten geven. Dit gaat kruim kosten. Er moet een geheel nieuw zorgportaal ingericht worden, waarin generalisten klaar staan voor de eerste opvang. Om dit alles efficiënt in te richten moet de zorg anders dan tot op heden ingericht worden. Met een duur woord noemt men dit transformatie: de aanpak moet anders dan nu gebruikelijk is met de gemeente in de regierol. Alleen zo kunnen de financiële kortingen opgevangen worden zonder dat dit afbreuk doet aan de kwaliteit van de zorg.

Ik denk dat het CDA klaar is voor deze transitie. Een aantal van ons heeft de nodige kennis op dit terrein eigen gemaakt. Waar anderen zwijgen en lijdelijk afwachten, komt het CDA met voorstellen en ideeën.  Wij zien het gevaar dat door de wijzingen mensen tussen de wal  en het schip  gaan vallen. Het CDA vind dit onacceptabel. Voor deze gevallen zijn wij bereid  de portemonnee te trekken en extra gemeentelijke middelen in te zetten. Dat vloeit voort uit ons beginsel van solidair zijn met de zwakkeren onder ons.

Als we niet opletten ontstaat er een nieuwe tweedeling de maatschappij. De beter gesitueerden kunnen zorg kopen; de minder goed bedeelden zijn afhankelijk van de zorg die de gemeente biedt. Er gaan ongetwijfeld grote verschillen tussen gemeenten ontstaan. De ene gemeente is genereuzer dan de andere. In gemeenten waar de hand op de knip wordt gehouden zijn de hulpvragers slechter af . Grote gemeenten kunnen meer dan kleine. Kijk maar naar Eindhoven waar 25 milj gereserveerd is om tegenvallers op dit terrein  op te vangen. Dit is andere koek dan in  Laarbeek, waar het college de uitgaven wil beperken tot het karige budget dat het Rijk beschikbaar stelt!

Voor reactie mail naar wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185





          Willy van Osch
      Uw man voor Laarbeek.
Stem op nr. 7 van Lijst 4 ( CDA )


zondag 9 maart 2014


Op naar 19 maart


In  de commissievergadering van Maatschappelijke Ontwikkeling komt voor de gemeenteraadsverkiezingen de aanpak van twee decentralisaties aan de orde: de Strategische Kadernotitie Participatiewet Peelregio en  het Beleidskader Jeugdhulp Peelregio. Laarbeek is een beetje aan de late kant met het agenderen van deze beleidstukken. De meeste Peelgemeenten hebben ze al vastgesteld.

De Peelgemeenten willen de transities in onderlinge samenhang  invoeren. Dit betekent dat de aanpak van de drie transities op elkaar afgestemd is en een gelijke procedure doorlopen. Ik denk dat dit een goed uitgangspunt is. Uniformiteit is een belangrijk punt en biedt zekerheid. Dit laatste is absoluut noodzakelijk.

Bij vergelijking van de twee notities valt mij op dat er in beide stukken geen sprake is van afstemming. Heel uitdrukkelijk wordt in de notitie over de participatiewet heel nadrukkelijk gesteld  dat direct wordt doorverwezen naar het Werkplein in Helmond ; in het beleidskader Jeugdhulp wordt aangestuurd op het in eerste instantie proberen de problemen  lokaal op te lossen. Dat is duidelijk verschillend.

De noodzaak voor uniformering speelt daarom vooral bij de jeugdhulp. Het beleidskader legt heel sterk de nadruk op het netwerk van ouders, basisvoorzieningen , opvoedondersteuner en decentrale toeleiding. Tegelijkertijd staat er heel uitdrukkelijk dat uniformiteit in de lokale processen noodzakelijk is. Dit is natuurlijk de doodsteek voor het eigen lokale beleid. Het is een dilemma dat opgelost moet worden.

De gemeenten hebben de regie. Zij willen deze regie strak in handen houden en willen sturen op de uitvoering door de opvoedondersteuner. Het beleidskader constateert , overigens zonder nadere onderbouwing , dat binnen de Peelregio gedeelde opvatting bestaan over waar de zorg aan moet voldoen. In het beleidskader wordt dit niet nader omschreven. Ik vind dit een tekortkoming. De regie en de sturing is erop gericht om  binnen het beschikbare budget te blijven. Dit kan kennelijk alleen als zo weinig mogelijk een beroep wordt gedaan op specialistische hulp.

Voor de jeugdhulp is de gemeente verantwoordelijk. Dit is een zware verantwoordelijkheid, want iedereen weet uit recente ervaringen  dat wanneer  er iets gebeurt met een kind, de emoties hoog oplopen.

De gemeenten zeggen in het beleidskader dat zij  de jeugdhulp willen vormgeven samen met de samenleving en instellingen. Geen woord echter over hoe men dit wil gaan inrichten. Bijzonder schrijnend is dat verschillende WMO-raden geen commentaar hebben kunnen geven, omdat de tijd tekort was. 

Heel veel gemeenten zitten in tijdnood. De transitiecommissie van Leonard Geluk is in haar derde rapport niet optimistisch: heel veel gemeenten hebben nog geen idee hoe zij de toegang tot de jeugdhulp gaan regelen. Gelukkig  is het SRE en de Peelregio verder dan menig andere regio. Dat is positief.  De plannenmakerij  heeft  vooral  plaatsgevonden in besloten gremia buiten het zicht van gemeenteraden en de samenleving.  Vooral financiële overwegingen lijken een doorslaggevende rol gespeeld te hebben. Dat past perfect in het gemeentelijke beleid zoals PNL dat heel prangend  vertolkt: eerst de middelen, dan pas uitgeven. Dit is natuurlijk funest als je de jeugdhulp wilt transformeren. Hierbij komt nog dat alles veel te snel moet. In zo’n korte tijd kun je geen ideale overheveling realiseren!

Marc Chavannes schreef zaterdag in de NRC met recht dat de gemeente straks het pijnloket van het rijk wordt. Ik denk dat hij gelijk gaat krijgen .

Voor reactie mail naar wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185



Willy van Osch,
Uw man voor Laarbeek.
Stem op nr. 7 van Lijst 4 (CDA )


                                                                 

donderdag 6 maart 2014


           

Hoe pakken we de zorg aan?



Overal maakt men zich zorgen over de opkomst bij de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart a.s. Verschillende gemeentebesturen voeren actie om de opkomst te verhogen. Op zich natuurlijk heel terecht. Anderzijds is het veelzeggend dat dit moet. Als de burger niet warm loopt voor deze verkiezingen,betekent dat er waarschijnlijk iets meer aan de hand is dan alleen maar desinteresse. Het moet diepere oorzaken hebben. Immers deze keer valt er bij de gemeenteraadsverkiezingen echt wel iets te kiezen. Dit is in het verleden wel eens anders geweest. Deze verkiezingen gaan wel ergens over.

In gemeenteland gaat de komende periode van alles veranderen. Gemeenten krijgen er een groot aantal taken bij. De drie grote transities , de jeugdzorg, de AWBZ en de nieuwe participatiewet, betekenen een immense verschuiving van de taken van het Rijk naar de gemeenten. Deze veranderingen worden aan de burger verkocht als taken die beter en efficiënter door gemeenten verricht kunnen worden dan door het Rijk. Partijen omarmen deze theorie als een gegeven; bijna nergens zie ik dat partijen vermelden dat de transities een gigantische bezuiniging zijn. In koor roepen de partijen dat de transities noodzakelijk zijn,  omdat de kosten voor de zorg onbetaalbaar dreigen te worden .Ik  kan me niet aan de indruk onttrekken dat partijen op dit punt elkaar klakkeloos napraten.

Er zijn nauwelijks partijen die een duidelijk beeld hebben van wat zij met de zorg eigenlijk willen. Men klaagt over de onvoldoende budgetten die Den Haag meestuurt. Geen partij lijkt bereid vanuit de eigen gemeentelijke middelen extra gelden beschikbaar te stellen voor probleemgevallen die er onvermijdelijk gaan komen. De vraag “hoe sociaal zijn we ?” gaat zeker komen.

Politicoloog André Krouwel heeft een onderzoek gedaan in de inhoud van verkiezingsprogramma´s op dit punt. De uitkomsten zijn verbijsterend: zelfs de landelijke partijen hebben geen idee hoe men dit moet aanpakken. Eigenlijk bevreemdt dit niet.  Ook in de zittende raden is er nauwelijks aandacht geweest voor de daadwerkelijke implementatie van de drie transities. Ambtelijke werkgroepen en bestuurders zijn er mee bezig; de raden zijn nog niet verder dan met het zich oriënteren op de aanstaande wijzingen. Heldere, algemeen aanvaarde, concepten zijn er nog niet. De complexiteit van het geheel en de veel te korte invoeringstijd zijn  hier mede debet aan. Helemaal onbegrijpelijk is de overigens totaal foute oproep van de wethouders  sociale zaken van Peel 6.1. dan ook niet helemaal.

Vanaf 2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor veel nieuwe zaken. Zorg wordt hét onderwerp van de komende raadsperiode. Het gaat om veranderingen die alle inwoners raakt en dus is het belangrijk dat partijen goed weten waar ze op in willen zetten. Dit is in de verkiezingsprogramma’s nog allerminst duidelijk. Wel zie ik dat ze wel zowat allemaal voorstander zijn van het organiseren van de zorg dichtbij de burger, in de vorm van een wijkgerichte aanpak. Maar hoe dit moet of kan, daarover hebben zij kennelijk nog geen idee. En vooral dit laatste vind ik van alles nog het meest beangstigend.

Binnen het CDA-Laarbeek zijn  we naar mijn indruk een stuk verder dan de meeste andere Laarbeekse partijen. Een aantal van onze leden hebben zich op dit terrein gespecialiseerd en hebben duidelijke opvattingen en beelden over de meest gewenste invulling. Een ding weten we nu ook al: het wordt een lange , moeizame weg naar een mentaliteitsomslag, die heel veel kruim gaat kosten.

Voor reactie mail naar wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185


woensdag 5 maart 2014

 

Nog drie weken te gaan.


De carnavalsdagen hebben we achter de rug. Ik heb in Lieshout een mooie optocht gezien. Ook de beelden van de optochten in de andere kernen waren fraai. Overal zat de stemming er goed in. Dinsdag ben ik de carnavalsdrukte ontvlucht. In Amsterdam heb ik de tentoonstelling in de Hermitage over de zijderoute bekeken en in Allard Pierson Museum de tentoonstelling De Krim, goud en geheimen van de Zwarte Zee. Twee prachtige tentoonstellingen die ik iedereen van harte kan aanbevelen.

 Bij het openslaan van het ED vanmorgen trof ik een heel onverwacht artikel aan. Op de voorpagina van de krant nog wel. Waar ik eerder een stuk over de voorbije carnaval verwacht had, kwam de krant met een heel opmerkelijk stuk over een heel christelijk gebruik: de vasten. Veertig dagen onthouding van vlees, drank en andere overdaad was eens bedoeld om als gelovige tot bezinning te komen, zo schreef de krant. Een mooie gedachte ook voor deze tijd. In de Dommelgemeenten hebben ze dit vertaald tot Veertig dagen zonder alcohol. Ook een heel mooi doel!

Nog drie weken resteren ons tot 19 maart, de dag van de gemeenteraadsverkiezingen. Volgens alle berichten lopen de kiezers hiervoor nog niet warm. Er wordt een lage opkomst verwacht. Ondanks alle aansporingen om wel te gaan stemmen. Juist nu er wel wat valt te kiezen en de gemeenteraadsverkiezingen wel ergens over gaan, zouden de kiezers wegblijven! Dit is onvoorstelbaar. De enige manier om hier verandering in aan te brengen, is om de kiezer te interesseren voor de gemeentepolitiek. Dit doe je niet met allerlei flauwekul en de pias uithangen, maar door de gemeentelijke thema’s en onderwerpen die er werkelijk toe doen, aan de orde te stellen en te benoemen.

Het is de inhoudelijke discussie die de kiezer mist. Aan dit gebrek lijdt de gemeentepolitiek, hier en elders. Dit slaat de belangstelling dood, morsdood zelfs.
De opdracht is dus tot aan de verkiezingen vooral inhoudelijke stukjes te plaatsen op deze weblog. Zullen we zeker doen.

Voor reactie mail naar wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185

zondag 2 maart 2014

                                               Carnaval 2014






                              In verband  met carnaval geen weblog.
                              Eerstvolgende aflevering woensdag a.s.