woensdag 29 maart 2017


Laarbeek in het ED.


Mieke Bon was gisteren actief met haar berichtgeving over Laarbeek in het ED. Maar liefst twee forse artikelen vleiden uit haar pen. Een over de Leliestraat en een over grondruil voor de natuurstrook langs de Goorloop.

Dit laatste artikel belichtte een positieve kant van Laarbeek. De gemeente gaat landbouwgrond aankopen om de ecologische verbindingszone langs de Goorloop uit te breiden, tussen de Lieshoutseweg en de Kapelstraat. De Groene Long in Beek en Donk zal met een recreatief pad verbonden worden met de natuurrijke zone bij de Laarsche Velden.Via bijdragen van de provincie en de gemeente zit er 550.000 euro in de pot. Dit is echter niet genoeg. De gemeente stelt daarom de raad een aanvullend krediet van 375.000 euro voor.

Het verhaal over de Leliestraat in Beek en Donk is minder graai. Hier is in de afgelopen jaren  een straat verloederd zonder dat er iets tegen gedaan werd. De aankoop van twee panden ten behoeve van statushoeders door de gemeente heeft de gemeente op de feiten gedrukt. Gelukkig heeft burg. Van der Meijden dit goed opgepakt. Als je dit verhaal van Mieke Bon leest, vraag je je wel af of de gemeente hier statushouders moet vestigen. Hebben we niets beters te bieden?





dinsdag 28 maart 2017


Woonvisie 2


“ Dit is toch geen woonvisie” was het eerste wat door mijn gedachten schoot na lezing van de woonvisie 2017-2021. Geen visie, maar een opsomming van ongelijkwaardige feiten en feitjes. Waar wij visie verwachtten, zagen we alleen maar beschrijvingen. De algemene visie achter de feiten ontbrak. Eigenlijk is de woonvisie weinig meer dan een prestatieafspraak met Wocom. Wat uiteindelijk de uitkomst van de woonvisie moet worden –de prestatieafspraak met Wocom  - is de inhoud van de woonvisie. De gemeente is niet alleen te laat met deze woonvisie, ze heeft er bovendien weinig van  gebakken. Jammer. Een gemiste kans dus.

De structuur in de nota is ver te zoeken. De nota hangt als los zand aan elkaar en brengt nauwelijks nieuws. Duidelijk is dat de echte visie op het toekomstige wonen nog lang niet uitgekristalliseerd is. De nota stijgt niet uit boven een beschrijving van de huidige stand van zaken. De toekomst wordt meer als een bedreiging gezien dan als een kans. De regisserende hand wordt nergens zichtbaar, zo ze al aanwezig is. Triest dus.

Wat me nog meer verbaast is de onduidelijkheid die de woonvisie schept. In de B en W-besluiten lees ik:

“De vorige woonvisie had een looptijd voor de periode 2011 – 2016 en is per 1 januari 2017 komen te vervallen. Om met woningcorporatie WoCom de komende jaren prestatieafspraken te kunnen blijven maken, is het noodzakelijk te beschikken over een actuele Woonvisie. Een document waarbij we als gemeente op hoofdlijnen aangeven welke volkshuisvestelijke ontwikkelingen de komende jaren wenselijk zijn en waarop WoCom dan voor het deel van de sociale woningbouw concrete voorstellen kan doen.   ” 

Is dit niet de wereld op zijn kop? Normaal is toch dat de gemeente in de woonvisie haar beleid voor de komende jaren vastlegt en daarna op basis van deze woonvisie afspraken maakt met de woningbouwcorporatie voor wat de sociale woningbouw betreft. Het heeft er zelfs alle schijn van dat Wocom meegeschreven heeft aan deze nota. Hoe moet ik anders de zin in het B en W-besluit interpreteren: “Alle partijen kunnen met het voorliggend concept instemmen.”


maandag 27 maart 2017


Woonvisie


Laarbeek heeft zijn concept woonvisie klaar. Het stuk is vrij laat klaar gekomen. Eigenlijk had de nota er al voor 1 januari 2017 moeten liggen. Maar ja, zullen we maar zeggen, beter laat dan nooit. Volgende week dinsdag komt het stuk in de commissie Ruimtelijk Domein.

Verschillende betrokkenen hebben het stuk ingezien; het heeft ook ter inzage gelegen. Dit alles heeft geleid tot een aantal aanpassingen. Welke dit zijn wordt overigens niet vermeld. Daar mogen we dus naar gissen. In ieder geval de verantwoordelijke wethouder, Frans van Zeeland, is in zin nopjes met deze woonvisie. Als wethouder Wonen schrijft hij in zijn voorwoord:
 “Met de geluiden die ik heb gehoord, heb ik er alle vertrouwen in dat we als Laarbeekse samenleving de wilskracht en kennis in huis hebben om Laarbeek ook naar de toekomst toe een geweldige woongemeente te laten zijn. ”

Om met woningcorporatie WoCom de komende jaren prestatieafspraken te kunnen blijven maken, moet de gemeente kunnen over een actuele Woonvisie. Een document waarbij  gemeente op hoofdlijnen aangeeft welke volkshuisvestelijke ontwikkelingen de komende jaren wenselijk zijn en waarop WoCom dan voor het deel van de sociale woningbouw concrete voorstellen kan doen. Daarnaast moet de woonvisie inzicht bieden in de wensen en mogelijkheden die de gemeente heeft om nog verdere bouwplannen te ontwikkelen en waarop ze accenten wil leggen zoals duurzaamheid, levensloopbestendigheid etc.

Is de woonvisie 2017-2021 de opmaat naar de geweldige woongemeente die de wethouder voor ogen heeft? Ik heb zo mijn twijfels. Eerst maar eens de woonvisie goed bestuderen.



zondag 26 maart 2017


Burgerparticipatie


De komende maanden komt het erop aan in Laarbeek. Er staan een aantal belangrijke projecten op stapel. Belangrijk is vooral dat de gemeente in deze projecten een prominente rol voor de burgers heeft weggelegd. In alle gevallen hangt slagen of mislukken af van de wijze waarop de burgers bij het proces betrokken gaan worden of beter gezegd of de burgers deze rol ook inderdaad gaan oppakken. Ik heb er vertrouwen in.

Niet voor niets wordt overal ingezet op een grotere rol van de burgers in het besluitvormingsproces. Alle voorstellen voor verbetering van de democratische structuur gaan steevast uit van een grotere betrokkenheid van de burgers. Prima dus dat de Rekenkamercommissie gaat onderzoeken in hoeverre de gemeenten Gemert-Bakel en Laarbeek hierin geslaagd zijn .

Burgemeester Frank van der Meijden gaat persoonlijk het project Veerkrachtig  Bestuur trekken. Eerlijk gezegd zie ik hem liever als aanjager in dit proces dan als achtervolger van illegale bewoners van het pand waar voorheen Dierenthuis gevestigd was. Dit past niet bij een burgemeester van Laarbeek omdat hij hiermee het aanzien van het ambt op een onverantwoorde wijze in de waagschaal stelt.

In de MooiLaarbeekKrant heeft burgemeester van der Meijden al aangegeven hoe hij Veerkrachtig Bestuur wil aansturen. In een Raadsinformatiebrief zet het college uiteen hoe Laarbeek dit gaat aanpakken. Op 1 juli 2017 moet de reactie van Laarbeek bij de provincie ingeleverd zijn. De provincie staat hierop. Laarbeek heeft voor dit project adviesbureau Necker van Naem ingeschakeld.

Jammer is dat de burgemeester niet de uitkomst van de discussie afwacht. In het artikel in de MooiLaarbeekKrant  geeft hij op voorhand zelf al een zekere invulling. Op basis van de uitkomst van een enquête van TipMooiLaarbeek en een uitspraak van de 60 contactpersonen is het uitgangspunt dat Laarbeek een zelfstandige gemeente moet blijven: Laarbeek moet een toekomstbestendige gemeente zijn. Dat beperkt de discussie al op voorhand.

Naast deze discussie is ook al de duurzaamheidsdiscussie opgestart. In alle vier de kernen van Laarbeek organiseert de gemeente bijeenkomsten over dit onderwerp. Inwoners worden opgeroepen ideeën voor duurzame projecten te ontwikkelen. In een echte battle zullen de beste oplossingen de competitie winnen. Ook hier dus weer een opzet waarin de burgers om inbreng wordt gevraagd. Het slagen of falen van dit programma hangt hiervan af.

KplusV1 ondersteunt de gemeente. In een van oorsprong Japans programma –Dragons Den krijgen beginnende ondernemers de mogelijkheid hun idee te pitchen. De eerste Dragons Den zal op 21 juni in het Dorpshuis van Lieshout plaatsvinden. De inschrijving is geopend.

Het zijn allemaal mooie initiatieven naast reeds lopende projecten zoals b.v de competitie over de groenste Europese gemeente. Ze zetten Laarbeek op de kaart, maar – belangrijker- de gemeente probeert op deze manier de burgers direct te betrekken bij de besluitvorming.
Laten we de burgers niet teleurstellen. Het college heeft in ieder geval de tijdgeest verstaan. En dat valt te prijzen.



woensdag 22 maart 2017


Op naar maart 2018


Gisteren wees ik er al op dat de aandacht van de media langzaam maar zeker gaat verschuiven naar de gemeenten en de gemeenteraadsverkiezingen van 21 maart 2018. Binnen het jaar mogen we weer naar de stembus. Ik neem aan dat we ruimschoots voor deze datum een nieuw kabinet hebben van welke structuur dan ook.

De meeste partijen hebben al de eerste voorzichtige voorbereidingen voor deze verkiezingen gemaakt. Binnen niet al te lange tijd zullen de eerste stappen bekend worden.

Vele onderwerpen vragen de aandacht. Duidelijk is dat we op een keerpunt staan. Burgers willen meer dan een keer inde vier jaar een gemeenteraad kiezen. Zij willen hun stem laten horen en daadwerkelijk meebeslissen over de koers die ingeslagen wordt. In de gemeenten gaat het gebeuren, in de wijken, de stadsdelen en de dorpen. Hoe we dit gaan aanpakken is de grote vraag die in 2018 beantwoord moet worden.

Een belangrijke vraag zal voor dat tijdstip beantwoord moeten worden. De provincie wil voor 1 juli 2017 een antwoord van de gemeenten op de vragen van Veerkrachtig Bestuur. Het antwoord dat gegeven gaat worden is bepalend voor de toekomst van gemeenten. Daarom moeten de vragen serieus beantwoord worden. En vooral wat heel belangrijk is: de burgerij moet hierbij intensief betrokken worden. Naar hun stem moet geluisterd worden. Immers om de burgers gaat het.

De tijd voor politieke antwoorden is voorbij!


Voor reactie wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185


dinsdag 21 maart 2017


De Raad als baas








De verkiezingen voor de Tweede Kamer zitten er op. De focus verschuift nu naar de gemeenteraadsverkiezingen van volgend jaar. Allerlei publicisten lopen hierop al vooruit; zij publiceren nu al verkenningen voor deze verkiezingen. Ook worden al onderzoeken uitgevoerd. Een daarvan is het onderstaande:

Slechts een krappe meerderheid van 54 procent van de gemeenteraadsleden ziet de raad als het hoogste bestuursorgaan van de gemeente. Dat blijkt uit een enquête die Overheid in Nederland heeft uitgevoerd in opdracht van Raadslid.nu, de belangenvereniging van raadsleden.

Uit de enquête onder 1645 raadsleden blijkt dat een derde deel van de raadsleden zichzelf niet als hoogste orgaan binnen de gemeente beschouwt. Iets meer dan de helft van de raadsleden (51 procent) ziet de raad ook als gelijkwaardig partner van het college van burgemeester en wethouders. Onder collegeleden is vrijwel een zelfde deel het daarmee eens: volgens 47 procent van de leden van burgemeester en wethouders is de gemeenteraad een gelijkwaardig partner van het college van B en W. Aan de enquête namen ook 378 collegeleden deel.

Collegeleden en gemeenteraadsleden kijken verschillend naar de  mate van invloed die zij hebben op het beleid, zo blijkt uit het onderzoek. Van de raadsleden vindt 38 procent het college van B en W de meest invloedrijke instantie in het lokaal bestuur. Van de collegeleden is maar liefst 52 procent die mening toegedaan. 

De loyaliteit van raadsleden ligt in de raadszaal duidelijk niet bij de gemeenteraad. Loyaliteit aan de eigen fractie (46 procent) en loyaliteit aan de eigen opvattingen (41 procent) scoren veruit het hoogste. Loyaliteit aan de gemeenteraad is voor slechts 9 procent van de raadsleden belangrijk in zijn of haar functioneren. Voor de grote meerderheid van de raadsleden (59 procent) is de belangrijkste taak van een gemeenteraadslid het vertolken van opvattingen en emoties die leven onder de inwoners. Het vertegenwoordigen van de opvattingen en ideeën van inwoners wordt echter slechts door 44 procent van de raadsleden als de meest belangrijke te vervullen rol van raadsleden beschouwd.

Waarvan acte.

Voor reactie wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185


maandag 20 maart 2017


Veerkrachtig bestuur



Alle Peelgemeenten zijn druk bezig met het formuleren van een antwoord op vragen van Gedeputeerde Staten over de toekomst van het bestuur in Brabant. Het eerste antwoord vanuit de Peel van 12 juli 2016 was in de ogen van GS onder de maat. De gemeenten moeten hun huiswerk overdoen, beter gezegd beter doen. Deze exercitie moet 1 juli klaar zijn. Alle zes Peelgemeenten hebben hiervoor een tijdpad opgesteld.

In elke gemeente worden de uitkomsten voorgelegd aan de raad. De uitkomsten van dit proces in de verschillende gemeenten zullen langs elkaar worden gelegd; daarbij wordt bekeken naar de gemeenschappelijk deler in deze zes rapportages.

Zo ook in Laarbeek. Het college heeft verschillende adviesbureaus uitgenodigd om een procesvoorstel te doen. De keus van het college is gevallen op het bureau Necker van Naem. Samen met dit bureau moet er een antwoord komen op de  vraag: “Voor welke opgaven staan de gemeenschap en gemeente van Laarbeek en hoe kan de gemeente Laarbeek deze realiseren, lokaal en in de samenwerkingsverbanden waarin ze opereert, welke governancestructuur past hierbij?”

Om tot een eindoordeel te komen heeft het college een hele processtructuur opgetuigd, waarin het ambtenarenapparaat, deskundigen en de raad een duidelijke rol hebben. Ook het burgerpanel van de MooiLaarbeekKrant wordt hierbij betrokken.

Aan de voorbereiding en de inzet zal het deze keer niet liggen. De kernvraag is: wat willen we met Laarbeek? Veel zal afhangen van de beantwoording van de vraag of Laarbeek voldoende toekomstbestendig is. Dit is een lastig te beantwoorden vraag. Toch zal het moeten. Ik zie in den lande teveel gemeenten die eigenlijk tot de slotsom komen dat fuseren de beste optie zou zijn, maar die conclusie uiteindelijk niet durven te trekken en dus maar besluiten voort te modderen. En dus terugschrikken voor de realiteit.

Gaat Laarbeek wel onbevangen in de spiegel kijken?



Voor reactie wphvanosch@onsbrabantnet.nl of bel 0653627185